De bril van Bröring (1)

Als trainer had ik, toen ik twintig jaar geleden begon, mijn eigen filosofie. Nadat ik van mijn tiende tot mijn 37ste zo hoog mogelijk gevoetbald had, wilde ik absoluut geen trainer worden. Nou ja, laten we zeggen geen trainingen gaan geven. Dat kwam omdat ik als gymleraar in mijn lessen altijd veel tijd moest besteden aan het motiveren van mijn leerlingen. Als men aan mij vroeg waarom ik met mijn ervaring, achtergrond en opleiding geen trainer wilde worden, zei ik altijd dat het mij niets leek om 's avonds weer al die gasten achter hun broek te moeten zitten. Dat deed ik de hele dag al.

Toen een oud-speler maar bleef aandringen en me meenam naar een wedstrijd van de C1, was ik om. Wat ik daar zag, was een ploegje jonge honden dat met zo veel passie speelde dat het een lieve lust was. Niet één speler stond te dromen of gaf enige blijk van desinteresse of een gebrek aan motivatie. Meteen het volgende seizoen trainde ik de C1 en de C2, wat ik twee jaar heb gedaan. Daarna vijf jaar de A1, tot iemand me vroeg het seizoen erop FC Lisse 1 te komen trainen. Daar werd mij voor het eerst gevraagd wat mijn teamdoelen waren. Ik antwoordde droogjes:

  1. ik wil het publiek vermaken;
  2. de spelers moeten het optimaal naar hun zin hebben;
  3. de sponsoren en hun vrouwen moeten na afloop tevreden zijn;
  4. ik, als liefhebber én hoofdtrainer, moet genieten;
  5. mijn team moet vooruitgang boeken qua speelwijze óf qua punten.

Dat vonden de bestuursleden een goed plan, maar sommige sponsoren fronsten hun wenkbrauwen. Aan hen vroeg ik wat zij hadden willen horen en ze zeiden: "Het resultaat moet toch zeker bovenaan staan?" "Bijna goed", zei ik. "Bij mij staat hóe het resultaat te bereiken voorop, oftewel de voorwaarden scheppen óm iets te bereiken." Ik kreeg het voordeel van de twijfel en werd het eerste jaar tiende, het tweede seizoen vierde en het derde jaar tweede, waarna ik eruit gebonjourd werd. De hoofdsponsor, in tegenstelling tot zijn vrouw, amuseerde zich niet... Hij wilde namelijk snéller resultaat zien en ging, zonder overleg met mij, spelers aantrekken. Ik vertelde hem fijntjes, op een sponsorbijeenkomst, dat dat niet de bedoeling was. Dat kostte me mijn kop. Jammer, maar ik was niet geknakt, want ik was vrolijk op weg om mijn doelstellingen te halen. Een paar seizoenen later hoorde ik dat hij bij de club, zijn bedrijf, maar ook bij zijn vrouw weg was. Hij was niét vrolijk, hij had zijn doelstellingen niet gehaald.

Zou iemand mij overigens anno 2010 naar mijn doelstellingen vragen, dan zou ik exact hetzelfde rijtje opsommen. Met dien verstande dat ik met mijn spelers zou gaan bespreken hoe ik dit ging uitvoeren. Hoe gaan wij als spelersgroep nu het publiek vermaken? Wanneer is het publiek enthousiast? Als het veel kansen voorgeschoteld krijgt? Hoe kan ik er met de spelersgroep voor zorgen dat ik veel kansen creëer? Door een goed en afwisselend positiespel te spelen op de helft van de tegenstander, maar zo nodig ook een vlijmscherpe counter te plaatsen. Zo zien mijn spelers in waarom ik op een bepaalde manier train en waarom we een bepaalde speelwijze hanteren. Had ik dat vijftien jaar terug precies zo gedaan, dan had ik misschien nu nog bij FC Lisse gezeten. En was de hoofdsponsor nog altijd bij zijn vrouw... We zullen het nooit weten.

Benieuwd naar de andere columns van Bril. Bestel het boek vandaag nog.